Geschiedenis

Tekening Frans Mars,  met als tweede molen van links De Rat op zijn oorspronkelijke standplaats.

 

Oorspronkelijk stond de houtzaagmolen in de Zaanstreek, waar "De Rat" voor 1683 als balkenzager werd gebouwd. Aan het eind van de Frans Engelse oorlog, begin twintigste eeuw, verkeerde Nederland in een toestand van algehele malaise. Door een gebrek aan aanvoer van stammen uit het buitenland stonden de vele zaagmolens in De Zaan stil.  Over de Rat wordt zelfs geschreven dat hij verkeerd in desolate toestand. Het was rond 1829, dat de burgermeester van IJlst, dhr. Ringnalda besloot om de molen aan te kopen en te verplaatsen naar IJlst. Dit was niet zozeer als weldoener voor de gemeente IJlst, maar meer omdat dhr. Ringnalda zelf houthandelaar was en wel mogelijkheden voor de molen zag, die hij natuurlijk voor niet al teveel geld op de kop had getikt.

                                                                                                                                           

De molen werd als bouwpakket uit elkaar gehaald en weer opgebouwd in IJlst. Rond 1850 wordt de molen overgenomen door fa. Oppedijk, die in IJlst ook al de oude molen bezat.Ruim honderd jaar zaagde de molen nog op windkracht, voordat ook "De Rat" werd onttakeld door de nieuwe technische revolutie. Kap en wieken werden verwijderd en een electromotor zorgde vanaf toen voor de aandrijving! Tot 1950 zaagde de Rat voor de fa. Oppedijk balken en planken, toen dreigde de sloophamer de molen definitief te vellen. Gelukkig ontfermde de gemeente IJlst zich over de molen en zorgde ervoor dat omstreeks 1967 "De Rat" weer was voorzien van kap en wieken. Het zou echter nog tot 1977 duren voordat de gehele restauratie voltooid was en de Rat weer kon zagen op windkracht.